Ze zitten samen bij me op de bank. Uitgeblust. Ik zie dat Jasper en Joanne elkaar graag zien. Dat is eigenlijk meteen voelbaar. Toch is die liefde de afgelopen tijd steeds verder ondergesneeuwd geraakt onder alles wat het leven van hen vraagt.

Joanne herstelt van een zware burn-out. Bijna een jaar is ze uit de running geweest en voorzichtig probeert ze de draad weer op te pakken, ook professioneel. Dat gaat met kleine stapjes. Tegelijk voelt ze zich schuldig tegenover haar collega’s. Zij hebben maandenlang haar werk opgevangen. Hoewel niemand letterlijk zegt dat ze sneller moet herstellen, voelt Joanne die druk voortdurend, vooral vanuit zichzelf. Het hoort bij het patroon dat er voor heeft gezorgd dat ze is uitgevallen. Het is hardnekkig, zo merkt ze.

Jasper heeft intussen veel gedragen. Thuis, praktisch en emotioneel. Hij heeft geprobeerd Joanne ruimte te geven om te herstellen, maar merkt dat ook zijn reserves stilaan opraken. “Ik heb het afgelopen jaar gewoon heel veel moeten dragen”, zegt hij.

Een begrijpelijke en terechte vaststelling. Als hij zich uitspreekt zie ik Joanne ineenkrimpen. Wat Jasper bedoelt als een beschrijving van zijn eigen vermoeidheid, hoort zij blijkbaar als: door jou is mijn leven zo zwaar geworden.

En daar zitten ze dan. Twee mensen die elkaar niet kwijt willen, maar die allebei nog maar weinig ruimte over hebben.

Hun vraag is eenvoudig en tegelijkertijd wezenlijk: hoe kunnen we elkaar blijven vinden en steunen als het zo stormt in onze beide levens?

Wat buiten je relatie gebeurt, komt mee naar binnen

Stress, angst, depressieve klachten, slaapproblemen en vermoeidheid zitten vandaag bij veel koppels mee aan tafel. Sciensano wijst erop dat mentale gezondheid in België een belangrijke uitdaging blijft en dat veel mensen kampen met stress, zorgen, vermoeidheid en verstoorde slaap.

En wat buiten de relatie gebeurt, blijft zelden netjes buiten de relatie. Een burn-out gaat mee naar bed. Zorgen over het werk zitten mee aan de ontbijttafel. Slaaptekort hoor je soms terug in de toon waarop je reageert wanneer je partner iets onschuldigs vraagt. Langdurige spanning kan ervoor zorgen dat iets kleins plots heel groot binnenkomt.

Dat betekent niet dat we ieder relatieprobleem kunnen verklaren met stress, maar wanneer je lange tijd onder spanning staat, wordt je draagkracht langzaam maar gestaag kleiner. Je lichaam staat sneller in alarm en je kunt minder verdragen, minder relativeren en soms ook minder goed voelen wat je eigenlijk nodig hebt.

Je zenuwstelsel reageert dan soms sneller dan je hart kan spreken.

Joanne weet met haar hoofd dat Jasper haar niets verwijt. Toch voelt haar lijf onmiddellijk spanning als hij vertelt hoe zwaar het voor hem is geweest. Die reactie van haar lijf neem ik waar in mijn sesiekamer. Jasper weet dat Joanne haar burn-out niet gekozen heeft. Tegelijkertijd voelt hij op momenten irritatie wanneer er opnieuw iets bij hem terechtkomt. In die situaties zeggen hun reactie niet noodzakelijk iets over hoeveel ze van elkaar houden. Het zegt vooral iets over hoeveel ruimte er op dat moment nog beschikbaar is voor elkaar.

Als stress ook mee naar bed gaat

Die beperkte ruimte merk je vaak ook in de lichamelijke intimiteit en seksualiteit.

Wanneer je lichaam al de hele dag bezig is met volhouden, regelen, piekeren of herstellen, is er niet vanzelf ruimte voor seksueel verlangen. Je kunt van je partner houden en toch geen zin voelen om aangeraakt te worden. Soms voelt zelfs een liefdevolle toenadering als nog iets extra’s waarop je óók nog moet reageren.

Ook bij Jasper en Joanne speelt dat.

Jasper mist het vrijen. Niet alleen de seks zelf, maar ook het gevoel dat ze elkaar daarin vroeger konden vinden. Voor hem was lichamelijke intimiteit een belangrijke manier om zich dicht bij Joanne te voelen.

Joanne ervaart dat anders. Haar lijf verlangt vooral naar rust. Wanneer Jasper toenadering zoekt, merkt ze soms onmiddellijk spanning. Ze vindt hem nog steeds  aantrekkelijk en ze houdt heel veel van hem, maar omdat haar lichaam nauwelijks ruimte ervaart voor nóg een prikkel, lukt het niet om in te gaan op zijn toenadering.

Daar kan gemakkelijk een pijnlijke beweging en patroon ontstaan. De ene partner zoekt lichamelijk contact om zich opnieuw verbonden te voelen. De andere heeft juist afstand of rust nodig om zichzelf überhaupt nog te kunnen voelen.

Wanneer daar geen woorden voor zijn, kan Jasper haar terughoudendheid ervaren als afwijzing. Joanne kan zijn verlangen vervolgens ervaren als druk.

Hij voelt zich alleen. Zij voelt zich tekortschieten. Precies daardoor wordt vrijen nog moeilijker. Seksualiteit laat zich nu eenmaal moeilijk afdwingen. Verlangen heeft ruimte nodig. Veiligheid en nieuwsgierigheid. Een lijf dat voldoende kan zakken uit het voortdurende moeten staat open voor een speelse ontmoeting in bed.

Steunen betekent niet dat je alles moet dragen

Een tweede belangrijk thema tussen Jasper en Joanne gaat over ieders verantwoordelijkheid. Liefdevol naast iemand staan die psychisch of lichamelijk uitgeput is, betekent niet dat jij eindeloos alles moet overnemen, alles moet dragen.

Jasper mag moe zijn en hij mag vertellen wat het afgelopen jaar met hem heeft gedaan. Hij hoeft zichzelf niet weg te cijferen omdat Joanne degene is met de officiële burn-out.

Tegelijk hoeft Joanne zijn vermoeidheid niet onmiddellijk op te vatten als bewijs dat zij gefaald heeft.

Helpen is iets anders dan redden.

Wanneer je steeds meer verantwoordelijkheid van je partner overneemt, kan dat aanvankelijk liefdevol lijken. Op langere termijn kan het ook uitputten en wrevel veroorzaken. Want als je niet oppast kom je op de plek van de redder en als die niet is vol te houden, kun je zomaar terecht komen op de plek van de aanklager. Dan zit in vol in de dramadriehoek en daar is het lastig uitkomen.

Een belangrijke vraag voor Jasper wordt daarom: Kan ik naast jou staan zonder verantwoordelijk te worden voor jouw herstel?

En voor Joanne: Kan ik ontvangen wat jij geeft zonder daaruit af te leiden dat ik tekortschiet?

Verbinding begint soms met vertragen

Wat kunnen ze dan wél doen? Ten eerste hoeven ze niet onmiddellijk alle problemen in hun relatie op te lossen. Koppels die onder grote druk staan, leggen zichzelf soms ook relationeel een ambitieus herstelprogramma op. We moeten meer praten, meer tijd samen doorbrengen. We moeten weer daten. We zouden opnieuw moeten vrijen.

Maar nóg meer moeten is meestal niet wat een overbelast zenuwstelsel nodig heeft.

Het is veel beter om kleine momenten van contact te zoeken waarin niets opgelost hoeft te worden. Tien minuten samen koffie drinken. Een korte wandeling. Even naast elkaar op de zetel zitten zonder de smartphone. Een hand vasthouden zonder dat die aanraking ergens naartoe hoeft te leiden.

Ook lichamelijke intimiteit mag opnieuw klein beginnen. Een knuffel hoeft geen voorbode van seks te zijn. Samen in bed liggen, huid tegen huid, zonder enige verwachting. Juist wanneer aanraking niet automatisch een verwachting bevat, kan er opnieuw ontspanning en veiligheid ontstaan. Van daaruit ontstaat de nieuwsgierigheid weer in een tempo dat niet hoeft te worden opgelegd.

Het helpt ook om woorden te geven aan wat er onder de reactie zit.

Niet: “Jij wilt me nooit meer.” Maar bijvoorbeeld: “Ik merk dat ik je mis en dat ik me soms alleen voel wanneer we elkaar lichamelijk niet meer vinden.”

En niet: “Laat me gewoon met rust.” Maar: “Ik merk dat mijn lijf snel spanning voelt. Dat gaat niet over hoeveel ik van je hou. Ik heb op dit moment vooral zachtheid en weinig verwachtingen nodig.”

Dat gesprek lost niet alles op. Maar het verandert wel iets wezenlijks: de ander wordt niet langer het probleem. Jullie kunnen samen kijken naar wat er tussen jullie gebeurt.

Liefde wanneer er even minder kan

Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste beweging voor Jasper en Joanne: vertragen en elkaar zonder verwachtingen weer ontmoeten. Herstel betekent niet dat alles zo snel mogelijk weer moet worden zoals vroeger. Joanne hoeft niet tegelijkertijd de ideale partner, loyale collega en volledig herstelde professional te zijn. Jasper hoeft niet degene te blijven die alles overeind houdt. En hun seksualiteit hoeft niet onmiddellijk terug te keren naar hoe ze ooit was. Soms bestaat liefde in een moeilijke periode uit kunnen verdragen dat er even minder kan.

Aan het einde van ons gesprek zegt Jasper iets wat Joanne zichtbaar raakt.

“Ik hoef eigenlijk niet dat je sneller herstelt. Ik wil alleen soms kunnen zeggen dat ik moe ben zonder dat jij denkt dat ik je verwijt dat je ziek bent.”

Joanne kijkt hem aan.

“En ik wil leren horen dat jij moe bent zonder onmiddellijk te denken dat ik iets moet oplossen.”

Het is geen spectaculaire doorbraak, maar er komt wel meer ruimte op de bank.

Het is precies op die momenten dat herstel in de relatie ontstaat.

Kunnen we elkaar blijven ontmoeten in het leven zoals het vandaag is?