Ken je dat gevoel: je hebt je leven best goed op orde. Je hebt een baan die okay is. Je hebt een sociaal leven met leuke vrienden. De kinderen doen het naar omstandigheden prima, en je hebt regelmatig contact met je ouders. Als je je best doet om de scherpe randjes te ontwijken, dan red je het prima in het leven. In vergelijking met de rest van de wereld heb je eigenlijk weinig te klagen. En toch. Toch is er dat knagende gevoel. Een stem vanbinnen die zachtjes fluistert: “Is dit het nu, is dit alles? Zit er niet meer in dit leven voor mij?”
Het antwoord is meestal een volmondig JA.
Veel vrouwen beginnen aan hun reis bij de Relatieacademie vanuit zo’n fluisterende twijfel over wat het leven te bieden heeft. Niet omdat het zo slecht gaat, maar omdat ze voelen dat er meer mogelijk is. Meer diepte, meer rust, meer verbinding. Je hoeft niet compleet vastgelopen te zijn, je hoeft niet zielig te zijn om aan de slag te gaan met wat we ‘persoonlijke ontwikkeling’ noemen. Het is juist een teken van levenskracht als je voelt dat je mag groeien, jezelf mag (door)ontwikkelen, dat er meer uit het leven te halen is dan dat jij er tot nu toe weet uit te halen.
De onzichtbare last van vrouwen
In gesprekken met vrouwen gaat het vaak over de rol die ze zichzelf hebben toegemeten, of die ooit voor hen werd uitgekozen, van hen werd verwacht. De zorgzame dochter die voor haar ouder wordende ouders zorgt. De allesoverheersende moederrol: alles in het teken van de kinderen. De pleaser in de relatie om er maar voor te zorgen dat je de liefde krijgt waar je zo naar verlangt. De stabiele collega, die er voor zorgt dat het allemaal marcheert op het werk. Die taken oppakt die helemaal niet bij haar rol horen. De vrouw die alles draagt, vaak zonder dat iemand het echt ziet.
Je leert al vroeg om in stilte sterk te zijn, te dragen. Je moeder was misschien ook zo: flink zijn, doorzetten, er niet over praten. Of net het tegenovergestelde: emotioneel afhankelijk, zwalkend en zoekend naar houvast. In beide gevallen ontstaat het idee dat jij je moet aanpassen. Voor je het weet leef je volgens een script dat je beperkt in jouw potentieel.
Bij de Relatieacademie onderzoeken we die scripts. We nodigen je uit om te vertragen en stil te staan bij de patronen die zich telkens herhalen in je leven. Die momenten waarop je jezelf verliest in de ander, je aanpast om de vrede te bewaren, of je eigen behoefte niet meer herkent. Je wordt je bewust van de prijs die je betaalt door de manier waarop jij je steeds aanpast aan de ander.
Hechting en de vroege jaren
Een belangrijk vertrekpunt in onze trainingen is hechting. Wat heb jij in je aller vroegste kindertijd geleerd over nabijheid en afstand? Welke hechtingsstijl heb jij ontwikkeld: angstig Verlatingsangst), vermijdend (bindingsangst) of onveilig (continu wisselen tussen verlatings- en bindingsangst)? En wat betekent dat voor de manier waarop je relateert in vooral intieme relaties. Hannah Cuppen heeft hier in 2014 een heel goed boek over geschreven met de titel ‘Liefdesbang’. Een aanrader voor iedere vrouw (en man!) die beter wil snappen hoe jouw hechtingsstijl tot de dag van vandaag invloed op jouw gedrag heeft.
Was er ruimte voor jouw emoties in het gezin van herkomst, of moest je vooral braaf en behulpzaam zijn? Was papa aanwezig of vooral afwezig en bezig met zijn carrière. Hoe heb je jouw ouders zien omgaan met nabijheid, met conflicten met verdriet of blijdschap? Kinderen leren door te observeren en vervolgens wat ze zien te kopiëren. Veel vrouwen herkennen zich in een patroon waarin ze zichzelf onzichtbaar maken, zolang het maar goed gaat met de ander.
We duiken in deze vroege dynamieken in het gezin van herkomst, omdat ze je huidige relaties diepgaand beïnvloeden. Waarom voel je soms een hevige paniek als je partner zich emotioneel terugtrekt? Waarom blijf je hopen dat iemand vanzelf gaat zien wat jij nodig hebt, in plaats van het uit te spreken? Waarom voel je je schuldig als je een grens stelt?
De eerste groepservaring: thuiskomen bij jezelf
In onze vrouwengroepen zie ik telkens weer wat het betekent als een vrouw zichzelf toestaat om te landen. Om zichzelf te ontmoeten, zichzelf welkom te heten. De eerste keer dat ze zegt: “Ik ben moe. Ik wil niet meer altijd sterk zijn.” Of: “mag ik ook voor mijzelf kiezen of moet ik altijd bezig zijn met wat anderen van mij verlangen? Wat vervolgens fijn is dat daar niet op gereageerd wordt met een goedbedoeld advies, maar met verbonden stilte, herkenning, een traan bij een ander. Dan begint de magie.
Veel vrouwen noemen het gevoel van thuiskomen in de groep als een van de meest impactvolle momenten van de training. Alsof je voor het eerst in jaren weer ademruimte voelt. Omdat je merkt: ik ben niet alleen. Mijn vragen, mijn twijfels, mijn verdriet, mijn boosheid zijn niet raar: ze zijn herkenbaar en menselijk.
Een reis van vallen en opstaan
Het werk dat we doen is intens en niet altijd makkelijk. Je wordt geconfronteerd met jezelf. Maar je leert ook hoe je je gedragen voelt in een bedding van vrouwen. Hoe je je eigen kracht kunt hervinden, zonder je zachtheid te verliezen. Hoe je van zelfopoffering kunt bewegen naar zelfzorg. Van overleven naar leven.
‘Als je blijft doen wat je altijd deed, dan krijg je wat je altijd kreeg.’