De ochtendrush begint weer: iedereen wil tegelijk de badkamer in, welke kleren nu ook alweer, lunchboxen moeten gevuld, zoekgeraakte schoenen teruggevonden en kinderen mét schoenen, boekentas en liefst ook gewassen handen en gepoetste tanden tijdig de deur uit. Het ontbijt moet het zonder versgeperst sap stellen deze keer en voor je het goed en wel beseft, dondert iedereen weer het septemberritme in.

En misschien voel je naast lichte tegenzin ook iets anders: opluchting!

Eindelijk weer structuur, voorspelbaarheid, misschien zelfs weer dat gevoel van alles onder controle.
Eindelijk weer weten wie waar en wanneer moet zijn.

We kijken vaak wekenlang uit naar die eindelijk grote vakantie. Naar minder moeten. Meer vrijheid. Meer tijd samen. Meer tijd met ons gezin, met de kinderen. Meer tijd voor elkaar.

En toch zijn veel mensen ergens eind augustus ook gewoon — geef toe — blij dat het schooljaar opnieuw begint.

Want hoe vermoeiend die dagelijkse structuur soms ook is, ze neemt ons ook heel wat uit handen. Schooluren liggen vast. Hobby’s hebben hun plek. Werk krijgt opnieuw zijn ritme. De weken worden weer voorspelbaarder.

En dat geeft, gek genoeg, ook mentale rust.

Dat is niet zo vreemd.

Want vakantie ontspant niet alleen.

Vakantie vergroot ook uit.

Je relatie reist gewoon in je valies met je mee

We hebben vaak het idee dat vakantie een soort pauzeknop is: eindelijk…

Even weg van de drukte, de deadlines, de moetens. Weg van school, sportclubs, files en overvolle agenda’s.

Alleen vergeten we soms dat we niet alleen onze bikini, zonnecrème en dat stapeltje boeken dat we deze keer écht gaan lezen 😉 in onze valies stoppen.

Ook onszelf én onze relatiepatronen reizen gewoon mee. Ze zitten gewoon mee in je valies.

Je behoefte aan ruimte.
Je verlangen naar verbinding.
Je neiging om alles te regelen.
Je moeite om iets uit handen te geven.
Je irritatie wanneer je je niet gezien voelt.
Je gewoonte om je terug te trekken wanneer er spanning ontstaat.

En doordat de vaste structuur van het jaar wegvalt, worden ze soms nog zichtbaarder.

De grote vakantie creëert dus niet noodzakelijk nieuwe relatieproblemen.

Ze legt vaak bloot wat er al was.

Meer tijd samen is niet automatisch meer verbinding

Tijdens het schooljaar leven veel koppels in een strak ritme. Werk, school, hobby’s, opvang, vergaderingen, boodschappen, koken, slapen. En dit on repeat.

Tijdens individuele sessies zie ik regelmatig een wat awkward gevoel ontstaan wanneer ik voorstel om opnieuw bewust dates samen in te plannen. Maar hoe gek is het eigenlijk? We plannen werkelijk alles in — behalve onze relatie.

Tijdens de vakantie hoeven die dates plots niet meer. Want dan zijn we vanzelf veel meer samen. Soms dagen of weken aan een stuk. Klinkt romantisch natuurlijk, maar meer tijd samen betekent niet automatisch meer verbinding.

Want je krijgt niet alleen méér van wat je fijn vindt aan elkaar. Je krijgt ook méér van alles waar je je aan ergert: elkaars mindere kantjes, gevoeligheden en de verschillen tussen jullie.

De ene wil het liefst alles samen doen, terwijl de andere na drie dagen samenzijn vooral denkt: laat me even met rust. De ene wil plannen, de andere wil de dingen spontaan laten gebeuren: go with the flow. De ene denkt: eindelijk tijd voor ons en het gezin, terwijl de andere denkt: eindelijk tijd voor mezelf.

Natuurlijk is geen van beide fout. Maar zodra we aan dat verschil een relationele betekenis geven, wordt het gewoon spannend.

‘Waarom wil jij nooit iets samen doen?’
‘Moet alles nu écht samen?’
‘Als jij van mij houdt, zou je nu toch graag veel bij mij willen zijn?’

En plots gaat een discussie over een wandeling, een boek lezen of een middag alleen allang niet meer over die wandeling, dat boek of die middag.

Dan gaat het over autonomie en verbinding. Over afwijzing en niet goed genoeg zijn. Over ruimte en vrijheid. Over je veilig of onveilig voelen in de relatie.

En wie heeft hier eigenlijk vakantie?

Er is nog iets wat tijdens de vakantie vaak pijnlijk zichtbaar wordt.

Wie draagt? Wie denkt vooruit? Wie boekt de kampjes? Wie weet wanneer de kinderen naar de grootouders moeten? Wie denkt aan zonnecrème, handdoeken, boodschappen, was en eten? Wie organiseert uitstappen? Wie houdt rekening met ieders behoeften?

En wie heeft ondertussen vooral… vakantie?

Niet zelden ontstaat precies daar irritatie tussen partners. Niet omdat iemand vergeten is die lekkere Franse baguette te kopen, maar omdat er onder die irritatie iets anders zit.

Een diepere laag: Zie jij, mijn allerliefste partner, eigenlijk wel hoeveel ik hier doe en draag? Grrrrrrrr.

Tijdens het jaar wordt een deel van die mentale load mee gedragen door de structuur van buitenaf. Tijdens de vakantie valt die structuur deels weg. En dan wordt ineens heel helder wie binnen jullie gezin of relatie automatisch de leiding neemt. Wie vooruitdenkt. Wie volgt. Wie afwacht. En wie zich verantwoordelijk voelt voor het welzijn van iedereen.

Ook hiermee zie ik mensen vaak worstelen in de praktijk. De ene is de regelaar. Die ziet wat er moet gebeuren nog vóór iemand anders doorheeft dát er iets moet gebeuren. En ergens verwacht die — meestal zonder het echt uit te spreken — dat de ander dat toch ook gewoon ziet.

De ander ziet het vaak helemaal niet. En begrijpt vervolgens oprecht niet waar de irritatie vandaan komt.

‘Maar zeg dan gewoon wat ik moet doen.’

Waarop de regelaar denkt:

‘Maar dát is het nu net. Ik wil niet óók nog moeten zeggen wat jij moet doen.’ Zucht.

En voor je het weet, gaat het opnieuw niet meer over die baguette, de natte handdoeken of wie er vandaag kookt.

Het gaat over zie mij, hoor mij. Erkenning krijgen, verantwoordelijkheid nemen en het gevoel dat je er samen voor staat.

En in gezinnen met co-ouderschap of pluskinderen komt daar soms nog een extra laag van plannen, afstemmen en rekening houden met verschillende loyaliteiten bovenop.

De vakantie in ons hoofd zag er perfect uit

Azuurblauw water. Een ongelooflijke sterrenhemel. Wij samen, ontspannen en vooral opnieuw heel erg gelukkig.

En dan hebben we het nog niet gehad over onze verwachtingen.

Want vakantie moet leuk zijn.

We hebben erop gewacht, ervoor gespaard misschien. We hebben accommodaties geboekt, agenda’s vrijgemaakt en onszelf maandenlang verteld: dan gaan we eindelijk samen genieten.

Eindelijk tijd voor elkaar. Voor dat lang uitgestelde goede gesprek. Voor meer intimiteit en passionele seks. Eindelijk ontspannen kinderen. Eindelijk rust.

Alles is mogelijk. Toch? Alleen blijken onze partners en kinderen zich bijzonder slecht aan ons innerlijke vakantiebeeld te houden. De kinderen maken ruzie op het meest idyllische strand, terwijl je partner op zijn telefoon zit te scrollen.

Je blijkt toch geen zin in seks te hebben, terwijl je dacht dat het vanzelf weer zou gaan stromen.

De ene is moe, de andere heeft heimwee en wil liever naar huis.

En ergens daar ontstaat die gevaarlijke gedachte:

Dit zou toch leuk moeten zijn?

Dat ene woordje — moeten — kan behoorlijk wat druk op een vakantie zetten. Want hoe groter het verschil tussen de vakantie die we in ons hoofd hadden bedacht en de vakantie die zich werkelijk voor onze neus afspeelt, hoe groter de kans op teleurstelling.

Misschien ontstaat er pas opnieuw ruimte wanneer we stoppen met proberen het perfecte gezin of het perfecte koppel op vakantie te zijn. Wanneer we het plaatje loslaten en bereid zijn te kijken naar wat er werkelijk is. En dat hoeft helemaal niet perfect te zijn.

Misschien heb je ook iets moois gezien

Want zo’n vakantie-realitycheck hoeft natuurlijk niet alleen confronterend te zijn. Misschien ontdekte je deze zomer juist dat jullie het verrassend goed doen samen. Dat jullie nog steeds kunnen lachen om de meest onnozele dingen. Of juist wanneer werkelijk alles fout loopt. Dat er na een druk jaar eindelijk weer tijd ontstond om écht te praten. Dat je je partner ineens weer zag als man of vrouw, in plaats van alleen als mede-organisator van jullie huishouden.

Dat jullie elkaar nog altijd graag zien. En aanraken. Dat je je veilig voelt bij elkaar. Dat je als co-ouders eigenlijk een verdomd goed team bent geworden.

Of misschien voelde je op een bepaald moment gewoon:

Ja. Hierom kies ik nog altijd voor jou.

Ook dát wordt zichtbaar wanneer de routine even wegvalt. Misschien is dat wel het mooie aan vakantie: ze vergroot niet alleen uit waar het schuurt.

Ze vergroot ook uit wat er tussen jullie nog altijd klopt.

En dan is het september

En nu komt de structuur terug. School, werk, hobby’s, agenda’s, bedtijden, vroeg opstaan.

En eerlijk?

Dat kan heerlijk zijn.

Want hoe hard we soms ook tegen structuur vechten, ze geeft ons ook bedding en rust.

Niet alles moet voortdurend opnieuw besproken of afgestemd worden. Niet iedereen hoeft de hele dag beschikbaar te zijn. Iedereen krijgt opnieuw wat meer zijn eigen wereld.

En daardoor ontstaat er ook weer wat afstand. Niet de afstand waarbij je elkaar kwijtraakt. Wel de afstand waarin je elkaar opnieuw kunt missen.

Waarin je niet de hele dag samen bént, maar opnieuw bewust naar elkaar toe kunt bewegen.

Want misschien hebben we onszelf tijdens de vakantie ook iets wijsgemaakt: dat een goede relatie betekent dat we vooral heel veel samen moeten willen zijn.

Terwijl verbinding niet hetzelfde is als voortdurend samenzijn. We hebben nabijheid nodig, maar ook autonomie. Samen én apart. Verbinding én een eigen wereld.

En juist in die ruimte kan verlangen opnieuw ontstaan.

Dus nee.

Wanneer je stiekem blij bent dat de kinderen weer naar school gaan, betekent dat niet dat je te weinig van hen houdt.

En wanneer je het heerlijk vindt dat jij en je partner opnieuw elk wat meer jullie eigen leven hebben, betekent dat niet dat er iets mis is met jullie relatie. Misschien heb je deze zomer gewoon opnieuw ervaren dat je iemand heel graag kunt zien…

en toch af en toe verdomd blij kunt zijn dat hij de deur achter zich dichttrekt.

Voor september je weer helemaal opslokt

Binnen een paar weken zitten we opnieuw volop in het gewone leven. En dan is het verleidelijk om alles wat deze zomer zichtbaar werd gewoon weer te laten verdwijnen onder de drukte van september.

Maar misschien is het de moeite waard om nog één keer achterom te kijken. Wat heeft deze vakantie jou laten zien?

Misschien heb je meer ruimte nodig dan je dacht. Misschien verlang je juist naar meer verbinding. Misschien draag jij te veel. Misschien spreken jullie te weinig uit. Misschien kwam telkens dezelfde ruzie terug en besef je dat die eigenlijk allang niet meer gaat over waar jullie ruzie over maken.

Of misschien zag je deze zomer net hoeveel er tussen jullie wél klopt.

Niet om van je vakantie alsnog een relatierapport te maken. Wel omdat onze relaties ons voortdurend iets laten zien.

Over de ander. Maar minstens evenveel over onszelf.

Over onze verlangens, onze grenzen, onze verwachtingen en de patronen waarin we telkens opnieuw terechtkomen.

De grote vakantie is misschien geen relatietest. Maar ze is wel een verdomd goede reality check.

En misschien is dát wel wat je mee kunt nemen nu iedereen opnieuw het septemberritme indondert.

Niet alleen: wat heb ik deze zomer gezien?

Maar vooral:

Wat wil ík doen met wat ik gezien heb?

Want daar begint ownership.

En misschien ook wel een andere beweging in je relatie.

Eva