Gert en Anton zitten tegenover me in mijn sessiekamer. Ze zijn al ruim 10 jaar samen en wanneer ze over elkaar praten, voel ik de liefde tussen hen. Toch is er in de loop van de tijd iets ontstaan waar ze steeds vaker ruzie over maken.

Anton heeft een hechte groep vrienden met wie hij regelmatig afspreekt. Die kent hij uit de tijd voordat hij Gert ontmoette. Regelmatig is hij een avond met ze op stap en een paar keer per jaar zelfs een groot deel van het weekend. Hij geniet van die contacten. Er wordt gelachen, er worden persoonlijke dingen besproken en hij vindt het belangrijk om deze vriendschappen te koesteren en te onderhouden. Precies daar wringt het bij Gert.

“Je vertelt mij lang niet alles wat je met hen bespreekt”, zegt hij. “Soms hoor ik achteraf toevallig dat er iets speelde en dan denk ik: waarom weet ik dat niet?”

Anton reageert vrijwel meteen en afwerend. “Omdat niet ieder gesprek dat ik met mijn vrienden heb ook thuis opnieuw besproken hoeft te worden. Ik wil ook een eigen leven houden. We hoeven toch niet alles samen te doen en alles met elkaar te delen?”

Gert wordt stil. Wanneer ik hem vraag wat die woorden van Anton bij hem oproepen, verandert zijn gezicht. De irritatie zakt wat weg en daaronder komt iets kwetsbaarders tevoorschijn.

“Als Anton zoveel vrijheid nodig heeft, word ik bang”, zegt hij. “Dan denk ik: misschien heeft hij mij helemaal niet meer nodig. En dan raak ik hem kwijt. Bij die gedachte stort mijn wereld in.”

Op dat moment gaat het niet meer over die vrienden, maar over de angst bij Gert om iets van grote waarde kwijt te raken: zijn liefdesrelatie met Anton.

Hoeveel ruimte mag er zijn binnen de liefde?

Veel mensen dragen het idee mee dat een goede relatie betekent dat je heel veel, zo niet alles met elkaar moet delen. Je partner is je geliefde, je vertrouweling en vaak ook je beste vriend. Alle rollen vertegenwoordigd in slechts één persoon. Je vertelt elkaar altijd waar je mee zit, wat je raakt en waar je naar verlangt.

Dat kan enorm verbindend zijn. Het is fijn wanneer je thuiskomt bij iemand bij wie je je verhaal kwijt kunt en bij wie je niet voortdurend hoeft uit te leggen wie je bent.

Tegelijk blijft er binnen een relatie altijd een stuk van ieder afzonderlijk bestaan. Je eigen gedachten, vriendschappen, interesses, herinneringen en verlangens verdwijnen niet omdat je voor elkaar kiest. Soms wil je alleen wandelen of heb je behoefte aan een avond met vrienden, zonder je partner. Soms wil je iets eerst zelf laten bezinken voordat je er woorden aan geeft richting je partner. Gezonde autonomie gaat precies over die persoonlijke ruimte.

Wanneer ruimte nemen voor de ander als afwijzing voelt

Voor Gert ligt dat gevoelig. Wanneer Anton op stap gaat, merkt hij al snel iets in zijn lichaam. Onrust in zijn buik, spanning in zijn borst. Zijn gedachten die het gevoel proberen te verklaren komen daarna. Waarom wil hij zo graag met hen zijn? Wat bespreekt hij daar wat hij niet met mij kan bespreken? Wat als hij ontdekt dat hij mij eigenlijk minder nodig heeft dan ik hem?

Die gedachten zijn voor Gert heel echt, maar gaan in de kern niet over het gedrag van Anton waar hij moeite mee heeft. Dat is slechts een trigger dat een oud programma activeert.

Onder die onrust zit een oude angst: de angst om verlaten te worden.

Dat gaat in essentie over wat we in  mijn vak als therapeut hechtingsproblematiek noemen. Wanneer die angst geraakt wordt, zoekt Gert vanzelf meer nabijheid, claimt die min of meer om zo dat kleine jongetje in hem gerust te stellen. Hij stelt steeds meer vragen. Hij wil weten wat Anton besproken heeft. Soms wil hij dat Anton thuisblijft, terwijl hij tegelijkertijd merkt dat hij zichzelf daar ook niet prettig bij voelt.

Zo ontstaat langzaam een patroon tussen hen. Gert zoekt meer zekerheid en Anton voelt dat als druk. Anton gaat zijn vrijheid sterker verdedigen en juist dat maakt Gert opnieuw onrustiger. Voor je het weet zijn deze twee mensen die veel van elkaar houden vooral bezig zichzelf te beschermen.

Wat is van mij en wat is van ons samen?

Tijdens een van onze gesprekken vraag ik Gert wat hij eigenlijk van Anton nodig heeft wanneer die angst opkomt. Hij denkt lang na. “Dat ik voel dat hij nog voor mij kiest”, zegt hij uiteindelijk.

Dat is iets anders dan weten wat Anton die avond precies besproken heeft. Het opent ook een ander gesprek tussen hen. Ik begeleid hen in dit proces en geef aan wat er nodig is. Anton kan Gert laten merken dat hun relatie belangrijk voor hem is. Hij kan luisteren wanneer Gert vertelt dat hij onzeker wordt. Hij kan soms even een bericht sturen of bewust tijd met hem plannen. Daarvoor hoeft hij zijn vriendschappen op te offeren.

Gert kan onderzoeken hoe hij met zijn angst omgaat wanneer Anton er niet is. Kan hij voelen wat er gebeurt voordat hij allerlei vragen begint te stellen? Kan hij zichzelf (het kleine bange jongetje in hem) geruststellen? Kan hij benoemen wat er speelt zonder dat Anton het voor hem moet oplossen?

Op deze manier werken Anton en Gert aan hun volwassen relatie. Ze dragen verantwoordelijkheid voor wat er in henzelf gebeurt, en tegelijk blijven ze gevoelig voor wat het gedrag met de ander doet.

Privacy en geheimhouding

Ook het woord privacy komt tijdens onze gesprekken voorbij. Gert zegt: “Maar als je werkelijk van elkaar houdt, waarom zou je dan dingen voor jezelf willen houden?” Ik begrijp zijn vraag.

Persoonlijke ruimte betekent niet dat er iets mis is. Een gesprek met een vriend kan bijvoorbeeld vertrouwelijk zijn. Misschien vertelt die vriend iets wat niet aan Anton is om thuis door te vertellen. Of Anton heeft zelf iets besproken waar hij nog niet helemaal uit is en waar hij eerst wat tijd voor nodig heeft, voordat hij het met Gert wil bespreken.

Er ontstaat een probleem wanneer belangrijke informatie bewust buiten de relatie wordt gehouden terwijl die wel invloed heeft op het vertrouwen tussen partners. Dat voelt anders. In dat geval wordt privacy een dekmantel voor afstand of geheimhouding.

Voor Anton is daarom ook een eerlijke vraag belangrijk: waarvoor gebruik ik mijn vrijheid? Voedt mijn eigen leven mij, zodat ik met meer energie en plezier terugkeer naar onze relatie? Of merk ik dat ik mijn vrienden, werk of andere bezigheden steeds vaker gebruik om moeilijke gesprekken thuis uit de weg te gaan? Het staan voor je vrijheid vraagt ook zelfonderzoek.

Nieuwsgierig blijven naar elkaar

Na verloop van tijd verandert er iets tussen Gert en Anton. Wanneer Anton een avond met vrienden heeft doorgebracht, probeert Gert niet langer meteen alles te weten te komen. Soms vraagt hij gewoon: “Was het fijn?” En soms vertelt Anton uit zichzelf iets meer. Juist doordat hij minder het gevoel heeft dat hij verantwoording moet afleggen, ontstaat er bij hem meer ruimte om te delen. Door die ontspanning rond dit lastige thema komt er vanzelf meer ruimte voor beiden.

Authentieke interesse is het nieuwsgierig zijn naar de wereld van de ander. Hoe was het voor jou? Wat heeft je geraakt? Waar werd je blij van? En vervolgens ook kunnen verdragen dat de ander misschien niet alles vertelt. Vaak ontstaat intimiteit juist in die vrijwilligheid. Ik laat jou iets van mezelf zien omdat ik dat graag met je deel en niet omdat ik mij verplicht voel.

Liefde heeft ook ruimte nodig

In langdurige relaties komen nabijheid en autonomie steeds opnieuw op tafel. Soms heel zichtbaar, bijvoorbeeld wanneer één partner veel op pad is. Het kan ook een veel subtieler proces zijn. Hoeveel tijd breng je alleen door? Welke vrienden zie je zonder je partner? Heb je hobby’s die helemaal van jou zijn? Mag je een gedachte hebben die je nog niet meteen bespreekt?

Voor sommige mensen voelt veel samenzijn heel veilig. Anderen merken dat ze zichzelf, hun eigenheid, juist een verliezen wanneer bijna alles samen gebeurt. Symbiose kan fijn voelen, maar je betaalt er ook een prijs voor.

De kunst zit in het gesprek dat je erover hebt de voeren. Voor Gert betekent groeien dat hij langzaam leert dat de vrijheid van Anton niet automatisch betekent dat Anton van hem weg beweegt. Zijn verlatingsangst verdwijnt daarmee niet zomaar. Hij leert haar wel beter herkennen, zodat hij zichzelf kan reguleren op momenten dat die getriggert wordt.

Voor Anton betekent groeien dat hij ontdekt dat autonomie meer is dan zeggen: “Ik heb recht op mijn eigen leven.” Ook hij is en blijft verantwoordelijk voor de kwaliteit van het contact tussen hen beiden.

Hun gesprekken over dit thema veranderen gedurende de looptijd van de therapie.

“Ik merk dat ik je mis en dat ik daar onzeker van word”, kan Gert nu zeggen.

En Anton kan antwoorden: “Ik snap dat. Mijn vrienden zijn belangrijk voor mij en jij ook.”

Dat klinkt eenvoudig. In de praktijk zal het heel wat oefening vragen. Kun je vanuit je volwassen zelf reflecteren en van daaruit communiceren of neemt het bange kleine kind het over?

Misschien kun je, als je deze blog leest, eens voor jezelf nagaan hoe dit thema in jouw eigen relatie werkt. Hoe voelt het wanneer je partner iets zonder jou doet? Kun je nieuwsgierig blijven zonder alles te hoeven weten? En durf jij zelf ruimte in te nemen voor dingen die belangrijk voor je zijn die je wilt doen los van je partner?

Liefde krijgt vaak meer ademruimte wanneer beide partners zichzelf mogen blijven.

Dan wordt samen zijn minder iets wat vanzelfsprekend moet en meer iets waarvoor je telkens opnieuw kunt kiezen.