De meeste relaties beginnen onstuimig. Jullie ontmoeten elkaar, worden verliefd en willen voortdurend bij elkaar zijn. Je kunt nauwelijks van elkaars lijf afblijven en samen zweef je op een roze wolk. Soms lijkt het bijna alsof je in een lichte psychose bent beland. Weliswaar een heel prettige, maar toch een toestand waarin je de realiteit tijdelijk uit het oog verliest. Want als we eerlijk zijn, klopt het natuurlijk niet dat werkelijk alles aan jouw partner geweldig is.

Is dat erg? Ja en nee.

Nee, omdat deze fase ook iets heel moois heeft. Je voelt je levend, je levensenergie stroomt volop en je ervaart een vorm van openheid die je misschien niet vaak meemaakt. De verliefdheidsfase heeft bovendien een belangrijke functie. Je brengt veel tijd samen door, leert elkaar kennen, ontdekt nieuwe kanten van jezelf en ontwikkelt je verder op het gebied van intimiteit en seksualiteit.

Maar verliefdheid heeft ook een keerzijde. Er komt namelijk onvermijdelijk een moment waarop je van die roze wolk afglijdt. Soms zachtjes, soms met een harde smak. Opeens ontdek je dat je partner helemaal niet zo perfect is als je had gedacht. Je ziet eigenschappen die je eerder niet opvielen of waar je moeiteloos overheen keek. Tegelijkertijd merk je hoe afhankelijk je misschien bent geworden van de aanwezigheid van die ander. Alsof hij of zij een drug is waar je lange tijd volop van hebt genoten, waarna je nu merkt dat er ook zoiets bestaat als een kater.

Voor veel stellen begint rond anderhalf tot twee jaar de volgende fase van de relatie. De fase waarin liefde niet meer vanzelfsprekend voelt en waarin je geconfronteerd wordt met verschillen. Je ontdekt dat je partner soms slecht luistert, andere prioriteiten heeft, koppig kan zijn, zich terugtrekt, snel geïrriteerd raakt of moeite heeft om emoties te uiten. De lijst is eindeloos.

De vraag is niet óf je die verschillen gaat tegenkomen, maar hoe je ermee omgaat.

Wanneer partners spanningen uit de weg gaan, elkaar niet meer aanspreken of moeilijke gesprekken vermijden, ontstaat er langzaam afstand. Vaak gebeurt dat zo geleidelijk dat niemand precies kan aanwijzen wanneer het begonnen is. Je trekt je wat meer terug, deelt minder van wat er in je leeft en probeert teleurstellingen zelf op te lossen. Zo sluipt eenzaamheid de relatie binnen. Niet omdat er geen liefde meer is, maar omdat er steeds minder echte ontmoeting plaatsvindt.

Het spitsuur van het leven

Een tweede risicofase ontstaat vaak wanneer er kinderen komen en beide partners druk zijn met werk, gezin en alle verantwoordelijkheden die daarbij horen. We noemen dat niet voor niets het spitsuur van het leven.

Dagen vliegen voorbij. De agenda stroomt vol met werkafspraken, sportactiviteiten, schoolzaken, familieverplichtingen en huishoudelijke taken. Voor je het weet is de relatie iets geworden wat op de automatische piloot draait. Jullie functioneren misschien nog prima als team, maar vergeten onderweg om ook geliefden te blijven.

De relatie wordt vanzelfsprekend. Tijd om samen te vertragen wordt niet meer ingepland. Er is nauwelijks ruimte om elkaar echt te ontmoeten, laat staan om bewust aandacht te besteden aan lichamelijke intimiteit en seksualiteit.

En precies daar ontstaat vaak een voedingsbodem voor eenzaamheid.

De dans van verlatingsangst en bindingsangst

Wat daarnaast een belangrijke rol kan spelen, is de dynamiek van jullie hechtingsstijlen. In mijn praktijk zie ik regelmatig koppels waarin de ene partner meer angstig gehecht is en de andere partner eerder vermijdend gehecht. Hannah Cuppen beschrijft deze dynamiek prachtig in haar boek Liefdesbang.

De angstig gehechte partner verlangt naar nabijheid, bevestiging en verbinding. Wanneer die verbinding onder druk komt te staan, ontstaat er onrust. Er wordt meer contact gezocht, er worden vragen gesteld en er wordt geprobeerd de relatie weer dichterbij te halen.

De vermijdend gehechte partner ervaart die toenadering vaak juist als druk. Wanneer spanning oploopt, ontstaat de behoefte om afstand te nemen, zich terug te trekken of eerst zelf orde op zaken te stellen.

Zo ontstaat een pijnlijke dans. Hoe meer de één naar voren beweegt, hoe meer de ander achteruit stapt. En hoe meer de ander afstand neemt, hoe groter de angst en het verlangen naar verbinding worden.

Het tragische is dat beide partners vaak oprecht verlangen naar liefde. Hun overlevingsstrategieën staan die liefde echter in de weg.

Wanneer deze dynamiek jarenlang voortduurt, ontstaat er vaak een sluimerende vorm van eenzaamheid. Niet omdat er geen liefde meer aanwezig is, maar omdat beide partners zich niet werkelijk gezien en begrepen voelen. Ze leven steeds meer naast elkaar in plaats van met elkaar.

Wanneer het hart zich sluit

Wat ik veel bij koppels zie, is dat er op een bepaald moment een verharding optreedt. Wanneer het gedrag van je partner je keer op keer pijn doet en herstel uitblijft, ga je jezelf beschermen.

Een gekwetst hart sluit zich.

Dat is geen teken van onwil, maar een menselijke reactie op teleurstelling en verdriet. Het probleem is alleen dat een gesloten hart gevolgen heeft voor de rest van de relatie. Wanneer het hart zich terugtrekt, trekt vaak ook het bekken zich terug. De levensenergie tussen partners stroomt minder vrij en de seksualiteit verdwijnt langzaam naar de achtergrond.

De eenzaamheid van een seksarme relatie

Op dat moment ontstaat een van de meest onderschatte vormen van eenzaamheid die er bestaat: de eenzaamheid binnen een relatie.

Voor degene die verlangt naar meer intimiteit gaat het meestal niet alleen over seks. Onder dat verlangen liggen vaak diepere behoeftes verborgen: de wens om begeerd te worden, aantrekkelijk gevonden te worden en te ervaren dat je partner nog steeds bewust voor jou kiest.

Wanneer toenaderingspogingen keer op keer stranden, wordt de afwijzing vaak niet alleen ervaren als een afwijzing van seks, maar ook als een afwijzing van jezelf. Mensen beginnen te twijfelen aan hun aantrekkelijkheid, hun waarde en soms zelfs aan hun plek binnen de relatie. Velen beschrijven dat ze zich nog nooit zo alleen hebben gevoeld als op de momenten waarop ze naast hun partner in bed lagen.

Tegelijkertijd lijdt meestal ook de partner met minder verlangen. Die voelt zich vaak schuldig, onder druk gezet of tekortschietend. Zo ontstaat een vicieuze cirkel waarin beide partners verlangen naar verbinding, maar elkaar juist steeds minder bereiken.

Onder het gesprek over seksualiteit ligt daarom vaak een veel belangrijker gesprek verscholen. Een gesprek over nabijheid, erkenning, veiligheid, kwetsbaarheid en liefde.

En precies daar begint meestal ook de weg terug naar elkaar.

De weg uit deze fuik

Gelukkig hoeft dit niet het einde van het verhaal te zijn. Relaties zijn levende systemen. Ze kunnen vastlopen, maar ze kunnen ook herstellen en opnieuw tot bloei komen.

In mijn boek De Kunst van het Relateren beschrijf ik vijf bouwstenen die essentieel zijn voor een duurzame en vervullende relatie.

Ten eerste is er gezonde autonomie. Het vermogen om verantwoordelijkheid te nemen voor je eigen gevoelens, behoeften en geluk, zonder die volledig bij je partner neer te leggen.

Ten tweede is er mildheid. De bereidheid om jezelf en je partner te zien als onvolmaakte mensen die onderweg zijn. Zonder mildheid wordt iedere relatie vroeg of laat een strijdtoneel.

Ten derde is er authentieke interesse. Echt nieuwsgierig blijven naar de binnenwereld van je partner. Niet denken dat je de ander al kent, maar blijven ontdekken wie die ander vandaag is.

Ten vierde is er herstelwerk. Geen enkele relatie blijft voortdurend in verbinding. Het vermogen om elkaar na een conflict of verwijdering opnieuw te vinden, bepaalt vaak de kwaliteit van de relatie op lange termijn.

Ten vijfde zijn er intimiteit en seksualiteit. Niet als prestatie of verplichting, maar als een levendige uitwisseling waarin hart, lichaam, verlangen en liefde elkaar ontmoeten.

Binnen de Relatieacademie werken we met al deze bouwstenen. In onze trainingen, workshops en jaartrajecten creëren we een veilige omgeving waarin mensen niet alleen inzicht krijgen in hun patronen, maar ook daadwerkelijk nieuwe ervaringen kunnen opdoen. Want duurzame verandering ontstaat zelden door alleen te begrijpen wat er misloopt. Ze ontstaat wanneer je leert voelen, oefenen en ervaren hoe verbinding er anders uit kan zien.

Misschien herken je iets van wat je in deze blog hebt gelezen. Misschien merk je dat jullie vooral nog functioneren als een goed georganiseerd team. Misschien ervaar je een groeiende afstand, meer conflicten of juist een stilte die steeds groter wordt.

Weet dan dat je niet de enige bent. Veel koppels lopen vroeg of laat tegen deze uitdagingen aan. De goede boodschap is dat er vaak meer mogelijk is dan je denkt.

Relaties hoeven niet perfect te zijn om vervullend te zijn. Ze vragen wel aandacht, moed en de bereidheid om telkens opnieuw voor verbinding te kiezen.

En precies daarin schuilt de kunst van het relateren.